CREG-tarief: welke bedragen gelden voor de terugbetaling van thuisladen in het derde kwartaal van 2026?
11 juni 2026
Elektrische mobiliteit neemt een steeds belangrijkere plaats in binnen het loon- en mobiliteitsbeleid van ondernemingen. Steeds meer werkgevers stellen aan hun werknemers een elektrische of plug-inhybride bedrijfswagen ter beschikking, vaak in combinatie met een laadoplossing thuis. Dat roept een belangrijke praktische vraag op: hoe kan de elektriciteit die de werknemer thuis gebruikt om zijn bedrijfswagen op te laden correct worden terugbetaald? Om deze praktijk te omkaderen, worden de forfaitaire CREG-tarieven gebruikt als referentie voor het maximale vaste bedrag per kWh dat de werkgever mag terugbetalen. De bedragen die van toepassing zijn voor het derde kwartaal van 2026 zijn nu gepubliceerd. Ze vormen dan ook een belangrijk aandachtspunt voor werkgevers die de kosten voor thuisladen van hun werknemers terugbetalen.
Waarom is het CREG-tarief belangrijk?
Wanneer een werknemer zijn bedrijfswagen thuis oplaadt, gebruikt hij in principe elektriciteit via zijn eigen energiecontract. De werkgever kan beslissen om de elektriciteitskosten die verband houden met deze laadbeurten terug te betalen. Die terugbetaling mag echter niet zomaar op een willekeurige manier gebeuren: er moeten bepaalde fiscale en sociale voorwaarden worden nageleefd om te vermijden dat er een bijkomend belastbaar voordeel ontstaat.
In principe vormt de terugbetaling van elektriciteitskosten door de werkgever een afzonderlijk voordeel ten opzichte van het voordeel van alle aard voor het privégebruik van de bedrijfswagen. Met andere woorden: deze terugbetaling maakt niet automatisch deel uit van de forfaitaire waardering van het voordeel van alle aard van het voertuig.
Onder bepaalde voorwaarden laat een administratieve tolerantie echter toe om slechts één belastbaar voordeel van alle aard te weerhouden, zonder bijkomend belastbaar voordeel voor de terugbetaling van de elektriciteit. Daarvoor moet de terugbetaling onder meer overeenstemmen met de werkelijke elektriciteitskosten die de werknemer heeft gedragen. Precies hier speelt het CREG-tarief een belangrijke rol.
Een forfait per kWh, maar binnen bepaalde grenzen
In de praktijk is het niet altijd eenvoudig om de exacte kostprijs van elke laadbeurt te bepalen. Elektriciteitsprijzen verschillen volgens contract, leverancier, regio en verbruiksperiode. Om de administratieve verwerking te vereenvoudigen, wordt aanvaard dat een vast bedrag per kWh wordt gebruikt om de werkelijke elektriciteitskosten te berekenen.
Deze forfaitaire methode is echter alleen mogelijk wanneer het gebruikte bedrag niet hoger is dan het toepasselijke CREG-tarief. Het CREG-tarief vormt dus een plafond: de werkgever mag een lager bedrag terugbetalen, maar mag dit maximumbedrag niet overschrijden wanneer hij binnen het aanvaarde kader wil blijven.
Het is ook belangrijk dat de hoeveelheid elektriciteit die voor het opladen van het voertuig wordt verbruikt correct kan worden vastgesteld. In de praktijk veronderstelt dit doorgaans het gebruik van een laadpaal of een communicatiesysteem dat de verbruiksgegevens aan de werkgever kan bezorgen.
Verschillende bedragen per Gewest
Het CREG-tarief wordt per Gewest bepaald, op basis van de woonplaats van de werknemer. Het maximale bedrag hangt dus af van het Gewest waar de werknemer woont: het Vlaams Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest of het Waals Gewest.
Deze regionale benadering houdt verband met de verschillen in elektriciteitsprijzen tussen de Gewesten. Voor werkgevers die werknemers in verschillende Gewesten tewerkstellen, is het daarom belangrijk om over een duidelijke procedure te beschikken zodat voor elke betrokken werknemer het juiste tarief wordt toegepast.
De bedragen worden per kwartaal vastgesteld. De werkgever moet zijn terugbetalingen dus vier keer per jaar opvolgen en, indien nodig, aanpassen aan de nieuw gepubliceerde plafonds.
Maximale bedragen per kWh voor 2026
Voor het eerste kwartaal van 2026, van 1 januari tot en met 31 maart 2026, golden de volgende maximumbedragen:
Vlaams Gewest: 31,32 eurocent/kWh.
Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 34,26 eurocent/kWh.
Waals Gewest: 35,23 eurocent/kWh.
Voor het tweede kwartaal van 2026, van 1 april tot en met 30 juni 2026, golden de volgende maximumbedragen:
Vlaams Gewest: 31,91 eurocent/kWh.
Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 35,55 eurocent/kWh.
Waals Gewest: 36,36 eurocent/kWh.
Voor het derde kwartaal van 2026, van 1 juli tot en met 30 september 2026, zijn de gepubliceerde maximumbedragen, onder voorbehoud, de volgende:
Vlaams Gewest: 32,22 eurocent/kWh.
Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 37,19 eurocent/kWh.
Waals Gewest: 37,83 eurocent/kWh.
Er is dus sprake van een lichte stijging ten opzichte van het vorige kwartaal. De plafonds blijven hoger in het Waals Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dan in het Vlaams Gewest.
Mag een werkgever één tarief toepassen voor alle werknemers?
Ja, de werkgever kan ervoor kiezen om geen rekening te houden met de woonplaats van elke werknemer. Deze optie kan interessant zijn om de administratieve opvolging te vereenvoudigen, vooral wanneer de onderneming werknemers heeft die in verschillende Gewesten wonen.
In dat geval moet de werkgever het laagste tarief van de drie Gewesten toepassen voor het betrokken kwartaal. Voor het derde kwartaal van 2026 betekent dit dat het tarief van het Vlaams Gewest moet worden toegepast, namelijk 32,22 eurocent/kWh, onder voorbehoud.
Let wel: deze keuze geldt voor het volledige kalenderjaar. Het is dus geen beslissing die per kwartaal kan worden gewijzigd naargelang het voordeligste of eenvoudigste tarief. De werkgever moet kiezen voor een coherente methode en die op uniforme wijze toepassen.
Aandachtspunten voor werkgevers
Werkgevers doen er goed aan om verschillende elementen te controleren voordat zij terugbetalingen uitvoeren of aanpassen. De car policy moet duidelijk bepalen hoe de terugbetaling van elektriciteit voor thuisladen gebeurt. Het laadsysteem moet toelaten om de hoeveelheid elektriciteit die voor de bedrijfswagen werd verbruikt te identificeren. Het toegepaste tarief moet het CREG-plafond respecteren dat overeenstemt met het Gewest van de woonplaats van de werknemer, tenzij de werkgever heeft gekozen voor één uniform tarief.
Het is ook aanbevolen om de toegepaste methode goed te documenteren. Bij een controle moet de werkgever kunnen aantonen dat de terugbetaling op een correcte basis gebeurt en dat de toegepaste bedragen de toegelaten plafonds niet overschrijden.
Tot slot moeten payroll- en HR-teams aandachtig blijven voor de trimestriële updates. Een laattijdige of foutieve aanpassing kan leiden tot administratieve, fiscale of sociale correcties.
Conclusie
De terugbetaling van elektriciteitskosten voor het thuisladen van een bedrijfswagen is een belangrijk aandachtspunt geworden voor werkgevers. De CREG-tarieven bieden een praktisch kader om deze terugbetalingen te berekenen, maar de toepassing ervan vraagt nauwkeurigheid en regelmatige opvolging.
Voor het derde kwartaal van 2026 bedragen de maximale bedragen per kWh, onder voorbehoud, 32,22 eurocent in het Vlaams Gewest, 37,19 eurocent in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en 37,83 eurocent in het Waals Gewest. Werkgevers kunnen er ook voor kiezen om één uniform tarief toe te passen, op voorwaarde dat zij het laagste bedrag gebruiken en deze keuze voor het volledige kalenderjaar behouden.
Heeft u vragen over de toepassing van de CREG-tarieven, de terugbetaling van kosten voor thuisladen of de aanpassing van uw car policy?Ons team helpt u graag om uw praktijken correct te organiseren en uw payroll- en HR-verplichtingen veilig te beheren.
Bronnen
Circulaire 2024/C/77 van 5 december 2024 betreffende de terugbetaling van elektriciteitskosten door de werkgever voor het thuisladen van een bedrijfswagen.
Tussentijdse instructie RSZ van 9 januari 2025.
Circulaire 2025/C/38 betreffende de terugbetaling van elektriciteitskosten door de werkgever voor het thuisladen van een bedrijfswagen – maximaal vast bedrag per kWh – derde kwartaal 2025 – permanente toepassing.
Circulaire 2026/C/44 betreffende de terugbetaling van elektriciteitskosten door de werkgever voor het thuisladen van een bedrijfswagen – maximaal vast bedrag per kWh – tweede kwartaal 2026.
CREG – CREG-tarief voor de terugbetaling van thuisladen van bedrijfswagens.
Recente artikelen
Blijf op de hoogte door ons nieuws te volgen.
Wilt u ons nieuws in uw inbox ontvangen?